Home

Zo worden medische problemen opgelost
Reisje naar Ieper 14 en 15 april 2012

Zaterdag 8.30 h

Vertrek van het pleintje, Marc c.s. over Brussel, (dus?) Louis c.s. via Antwerpen. Voorspoedige reis met ongeveer gelijktijdige aankomst in Ieper. Jan C. krijgt de pot toegewezen waarin iedereen direct €100 stort. Er is weekmarkt en daarachter vinden we een uitspanning voor een hapje en een drankje (Petrus blond). 14h vinden we midden voor de Lakenhal Lieke, onze gids voor vanmiddag. Ieper was in de late middeleeuwen een belangrijke, grote stad, vergelijkbaar met Brugge en Gent,vermaard om de produktie van laken. Grondstof wol uit Engeland werd vanaf de kust via de Ijzer en de Ieper aangevoerd. De Lakenhal geeft een indruk van de grootsheid van destijds. Er was een grafelijk hof en van 1550 af (tot 1800) bovendien nog een bisschop. We lopen naar de hoek van de Lakenhal (hier tegen over zien we de Vleeshal). De Ieperlee die hier stroomde is er wel nog steeds maar we kunnen haar niet zien omdat ze nu onder de straatstenen loopt (als riool). Louis vindt dat ze haar maar weer aan het daglicht moeten brengen en daar heeft hij natuurlijk gelijk in. Achter de Lakenhal vinden we de gotische St. Maartenskathedraal (13e eeuw) waar we binnengaan. Indrukwekkend, des te meer nog als we ons voorstellen (m.b.v. foto's) dat deze kerk -zoals heel Ieper- na 1918 geheel tegen de grond lag ! De kerk is weer herbouwd in 8 jaar(1922-1930) (Achter de kerk vinden we een charmant schouwburgje en daarachter een verzamelplaats van niet hergebruikte onderdelen van de oorspronkelijke kerk. Een van de bisschoppen van Ieper was overigens Jansenius. We wandelen naar de vismarkt (achter een boog met Neptunus op een psychotisch paard) langs een tolhuisje (deze buurt is nu uitgaanscentrum van Ieper vertelt onze gids) naar 2 jeu de boules baantjes alwaar ons verteld wordt over de nieuwe (12e eeuw) burcht van de Vlaamse graaf die hier stond, Lieke vertelt nog wel wat meer daar maar we zitten daar als op bankjes (als Statler & Waldorf) en de zon schijnt. Nadat we wakker zijn naar de St Pieterskerk met romaanse elementen (héél even er in voor 2 oeroude leeuwen) en terug naar de markt. Onderweg een fraai pand van de Tempeliers. Juffrouw Lieke tipt nog een wandeling over de stadswallen en dan verlaat ze ons weer. Wat nu? Elkeen besluit tot het zijne; hetgeen bij de een tot een hoognodige sanitaire stop in het hotel en dan gelijk maar inchecken betekent,en voor een ander bijvullen van de parkeermeter. Er wordt wat gedrenteld. Tenslotte zijn we weer bij elkaar op een winderig terras. De commissie heeft nu de vleeshal op het progamma staan alwaar 'de Goeste van de frisse kater' plaatsvindt. Het blijkt een grappig en smakelijk marktje in te houden met streekprodukten=vlees,kaas, wijn en zoetigheden. Er wordt geproefd en een enkeling koopt zelfs wat. De wandeling over de vandaag wat winderige stadswallen wordt gemaakt, fraaie uitzichten. Nog 1,5h voor de Last Post. Bier drinken dus met zojuist aangeschafte worst van Marc,en er wordt vast een eetadres geregeld voor 10 man aan een tafel. De Last Post onder de Menen poort blijkt voor een dagelijks terugkerende ceremonie opvallend goed bezocht, zo'n 500 man? Behalve de trompet-aria met de minuut stilte is er ook een doedelzakspel en er worden 4 kransen gelegd. Waardig en indrukwekkend. Er staan hier 55000 namen gegraveerd, gouden letters in de hoge witte marmeren muren,allemaal van vermiste soldaten,verder liggen er in de nis veel papieren klaproosjes, de beroemde poppies van John McCrae. We dineren in hotel het Zweerd op de markt, het personeel daar brengt ons vrij snel weer in een jolige stemming, die kwadratisch versterkt wordt door de aanwezige wijn in witte (Pouilly fumée)en rode kleur (bordeaux) Het was geanimeerd. Vervolgens een terrasje voor een sigaartje en een biertje. Enkelen bezoeken nog de vismarkt waar juffrouw Lieke ons vanmiddag op wees (“daar heb ik vroeger ook gehangen”)

Zondagmorgen9.00 h

Onze gids is daar met een busje waarin 6 mensen passen,de slanksten van ons mogen daarin en Marc zal er achteraan rijden met Jan ,Ray en Leonard. Eerst een introductie bovenop de wal naast de Menen poort die geopend werd in 1927. We kijken aan een kant over Ieper heen en realiseren ons opnieuw dat deze stad er met de grond gelijk gemaakt bij lag aan het einde van de oorlog, ”een ruiter op zijn paard kon vanaf de markt over de hele stad heen kijken” zo schildert onze gids de situatie. Oorspronkelijk moest het zo maar blijven vond men in Engeland, als waarschuwingssymbool, afschrikwekkend en az preventief werkend voorbeeld voor de toekomst. Dat ging niet door, de Belgen bouwden de stad weer op, maar het symboolidee wel in de vorm van de Menen poort op een stukje Engels grondgebied midden in Flanders' Fields, waar sinds 1927 elke dag de Last Post geblazen wordt (m.u.v. 40/44) Dan volgt een summier overzicht van het verhaal: Sarajevo, de cascade van oorlogsverklaringen, de 2 fronten oorlog,waarbij Duitsland snel hoopt af te rekenen in het westen via het Schlieffenplan waardoor België gedwongen wordt partij te kiezen (zij staan de gevraagde doortocht niet toe) en op 4/8/14 valt Duitsland België binnen. Dat gaat snel, Luik , Leuven (bibliotheek!) en Antwerpen vallen en de Duitsers vorderen tot in Noord Frankrijk behalve een klein stukje België dat weet stand te houden achter de IJzer (de Westhoek) waardoor de Duitsers niet aan de kust kunnen komen. Over de IJzerslag en de onderwaterzetting zullen we morgen meer te weten komen in Diksmuide. Voor nu gaat het om Ieper dat in een kom ligt,en door de Duitsers die de heuvels bezet hebben zwaar beschoten wordt,maar niet valt. De 2 partijen hebben zich ingegraven en de bewegings-oorlog wordt een loopgravenoorlog,ook ten noorden en ten zuiden van Ieper als onderdeel van een frontlijn die vanaf hier tot aan de Frans Zwitsere grens loopt. Wij zullen vandaag meer horen over de oorlog aan het westfront, het oostfront blijft buiten beschouwing, en dan met name over de 3 slagen bij Ieper. Met de auto door de Menen poort noordwaarts naar Essex Farm Cemetery aan het Ieper-IJzer kanaal waar het front lag, we lopen naar het kanaal en horen over de 3 slagen bij Ieper, deze plek herinnert aan de 2e, in 1915 en we zien de vele identieke witte grafzerkjes,met naam, rang en legeronderdeel (tenzij unknown soldier). Hier schreef John McCrae zijn beroemde gedicht 'In Flanders Fields' .We lopen een manshoog bunkertje in dat aanvankelijk diende als voorste gewondennest (er werd daar ook geopereerd! allicht amputaties) en later als woonruimte voor mensen die terugkeerden na alle ellende. Nadat we het kanaal zijn overgereden bezoeken we op dezelfde hoogte als het ereveld van zojuist midden tussen de hoge zwaar zoemende windmolens van het industrieterrein dat daar recent gebouwd is, de Yorkshire Trench & Dug-Out, we worden gewezen op de schuin in de grond gegraven gasgranaten die ook gebruikt werden, met name in 1915 in de 2e slag om Ieper, het wachten was tot de wind goed stond en het gebruikte gas was nog niet mosterd, maar chloorgas. Hier vertelt de gids ook over de 3e slag bij Ieper waar de Duitse loopgraven ondermijnd werden en opgeblazen met een klap die van Parijs tot Londen gehoord zou zijn. (7/6/17) over het beperkte succes horen we later. Dan rijden we naar Langemark voor een Duits militair grafveld. Die zijn er ook, maar heel anders, geen witte zerkjes in het gras met bloemen in de zon, maar somber en donker onder hoge bomen liggen platte donkergrijze tegels met 6 à 7 namen. Hier liggen 44000 man begraven, achterin springt een donker bronzen standbeeld van 4 manshoge soldaten in het oog, verderop zijn er 2 of 3 bunkers. Studentenfriedhof wordt het grafveld ook wel genoemd, naar de jonge vrijwilligers uit Duitsland die hun studie onderbraken om onvoorbereid in 1914 zinloos 'over de top' gestuurd te worden. Bij het verlaten van dit grafveld regent het zachtjes. Het wordt almaar kouder,hoewel het er stralend uit ziet met zon, het is de wind die het koud maakt. En dat merken we met name op ons laatste excursiedoel boven op een heuvel: Tyne Cot Military Cemetery. Een witte zee van duizenden zerken in brede rijen omlaag glooiend de hoogte af,met in het midden een gedenkteken in de vorm ven een enorm kruis op een afgeknotte pyramide met trappen; in de verte zien we in een kom Ieper liggen met daarachter een heuvelrug waarvan onze gids zegt dat dat Frankrijk is. Een prachtig strategisch punt, tot 1917 in handen van de Duitsers. Achter ons een enorme halfronde witmarmeren muur,vol met namen. Dit zijn er 35000 en dat is het aantal vermiste soldaten van na 15/8/17( de 55000 van daarvoor hebben we al gelezen op de Menen poort,daar was geen plaats meer). Begraven liggen hier 12000 man en dat maakt deze plek tot de grootste Britse oorlogsbegraafplaats van het vasteland van Europa. De graven rondom het monument in het midden hebben in tegenstelling tot de rest een wat rommelig plaatsingspatroon, de gids vertelt over de bunker die eronder zit waar een Austrlische hulppost in was gevestigd en leest een authentiek verhaal voor dat wellicht op deze plek geschreven is. 3 km hier vandaan ligt Passendale, berucht van de 3e slag bij Ieper, waarbij 300.000 Engelse militairen sneuvelden voor een paar km terreinwinst die later weer werd teruggeschonken. We rijden wat stilletjes geworden terug naar ons hotel, bedanken de gids -hij was goed- en checken uit. Jan heeft nog wel geld voor een lunch mits we € 100 bijstorten. Die wordt genuttigd in een aardig zaakje aan de markt waar Hennie de lekkerste omelet van zijn leven (tot nu toe) voorgeschoteld krijgt naast wafels met heerlijk geurende warme kersen van Marc. Verder worden er croques madame cq monsieur gegeten. Overigens heeft de serveerster nog een 3e mogelijkheid en dat is croque monsieur met ei?! Naar Diksmuide voor de Dodengang aan de IJzer. Eerst zien we de toren en we denken even dat we daar moeten zijn,maar dat is snel hersteld en 1km stroomafwaarts vinden we ons reisdoel. Een klein museum van 2 etages en een buitengedeelte van 500m dubbele loopgraaf langs de IJzer. De voorste= gevechts-, de achterste= steunloopgraaf voor bevoorrading, versterking, afvoer van gewonden cq doden, er is zelfs een spoorlijntje voor het zwaardere materieel als schiettuig. Meteen in het begin, d.w.z. vanaf het museum,is de stelling verhoogd, met uitkijken en schietgaten voor mitrailleurnesten. Er is nog cq weer honger en het geld is niet op. En we zijn op weg naar Nieuwpoort. Dus wat let ons? Niet aan de zee,maar op de markt met draaiorgel volgt dan tenslotte een laatste zit in de luwte (?) waarbij Christ zich onderscheidt met zijn consumptiekeuze die hij bovendien nog rijkelijk versiert en besprenkelt met ingrediënten waarvan anderen dachten dat zij die niet mochten i.v.m. hun cardiale gezondheid. Nou en? Christ wacht geduldig als een filmster tot er de nodige foto's zijn genomen en eet het vervolgens allemaal op. Afscheid onder dankzegging aan de organisatoren.

Leonard