|
Op zaterdag 161102 om 1100h vertrekt een opvallend groot aantal EN leden (op drie man na voltallig!)
naar Eindhoven alwaar Daan de Kubber een excursie naar verschillende
Philipsonderdelen georganiseerd heeft.
We tuigen naar de Philips gloeilampenfabriek anno 1891 aan de Emmasingel waar
het destijds allemaaal begon.In deze oorspronkelijke omgeving krijgen we te horen en te zien hoe meer dan 1 eeuw
geleden kooldraadlampen werden vervaardigd.
Eerst wat geschiedenis: over ene Gerard Philips (ouder broertje van bekendere Anton die er pas in 1894 bij kwam)
Delfts ingenieur,
die --gebiologeerd door elektriciteit-- in 1891 in ditzelfde
gebouw een eigen gloeilampenfabriek start.
Onder aanschouwing van oorspronkelijke apparatuur horen we vd stoommachine die inclusief was bij de
aanschaf van het pand voor fl 12.150,= ,
over dynamomachines, een(externe)glasblazerij,vacuumpompen en de
‘priegelwerkmeisjes’.
De beginproduktie bedraagt 500 lampen per dag en in januari
1892 vind de eerste partij kooldraadlampen zijn afnemer in de Goudsche
kaarsen(!) fabriek.
Dan over het produktieproces zoals dat destijds plaatsvond: katoenen watten in
zinkchloride worden
tot stroop die door een gaatje geperst wordt en in alcohol
stolt tot draad, die draad droogt op een met flanel beklede trommel en wordt
vervolgens om grafieten bollen gewikkeld, die gaan de oven in waarbij de draden
eerst krimpen en tenslotte verkolen. Dan volgt het zgn flashen of prepareren om
gelijkmatige dikte vd draad te krijgen waarbij gelijktijdig weerstandsmeting
plaats vindt en standaardisatie tot lampen van gelijke sterkte.
Voor het probleem vd luchtdichte doorvoer vd draden het glas in werd het
glazen brugje met 2 platina draadjes bedacht.
De glasblazerij verzorgt de ‘ballons’,brugje met gloeidraad binnenschuiven en dichtsmelten, vacuum pompen via Na deze technische uiteenzetting wordt het tijd voor cultuur. In hetzelfde gebouw bezoeken we de permanente tentoonstelling ’Kunstlicht in de kunst’ olv mevr H. Lanting. Zij vertelt ons over de stichter mhr J.Jansen die aanvankelijk reprodukties verzamelde van schilderijen waarop kunstlicht een rol speelt- dus niet het clair-obscure maar geschilderd licht van kaars of olielamp-. Deze verzameling is allengs uitgebreid via schilderijen met gaslamp- en elektrisch licht (bus in Londen bij avond,vrouw bij parkeermeter) tot een fraaie collectie waarin met name de lichtsculpturen opvallen (thank you mr Edison,kubus met refracterende lijnen).Om een visuele indruk van het ten toon gestelde materiaal te krijgen mag ik verwijzen naar fotografie Retra voor het magisch verwarrende Wibbly Wobbly van P Hughes en het mystiek realistische werk ‘Hulshof aan een lege eettafel’ van H.Retera. Dan is het inmiddels na tweeën geworden en het gezelschap heeft honger en dorst (de een al wat langer,de ander nog niet echt). In eerste instantie blijkt Daan over een tas vol bananen en een enkel appeltje voor de dorst te beschikken maar even later bezetten we een vreemdsoortig houten huisje midden op de stoep met verschillende afdelingen. Eén van die afdelingen wordt geheel de onze (er zitten nog enkele autochtonen,maar die stappen snel op nadat wij er bij gekomen zijn) en er worden pasteitjes en koffie besteld alsof het niet op kan! Daarop had de organisatie niet gerekend (na al die bananen) en Daan besluit de dagcontributie drastisch te verhogen van € 23 naar € 40, maar dan inclusief de drankjes! Op dat moment herinnert Louis zich dat hij van deze en gene nog geld te goed heeft vd vorige EN trip (naar Zeeland in witte jassen?! red.) en weldra vliegen de euro’s van links naar rechts over de formica tafeltjes. Wim houdt nog een verontwaardigd toespraakje (strekking vergeten, red.) en tenslotte lossen we gezellig samen een aardig quizsje van Daan op. Dan wordt het tijd om verder te gaan en in verschillende auto’s rijden we naar het industriepark ‘de Hurk’voor een tentoonstelling van historische Philips produkten die we aanschouwen olv Douwe Bloemendaal. Hiervan herinner ik me een telefooncentralehok met en pop erin,een ouderwetsche winkelpui op ware grootte,een ruime bestuurstafel en een groot origineel directiebureau met daarboven een compleet veteranenelftal in afzonderlijke portretten. De meeste facies worden herkend. Verder uitstalkasten met veel gloeilampen en nostalgische scheerapparaten met telkens meer koppen. Voordat we de overgang naar de geluidsdragers en radio’s maken bekijken we een fraaie maquette van Eindhoven anno 1890. Dan de cylinder- en platenspeeldozen,de phonograaf en de grammofoon van respectievelijk Edison en Berliner. Kristalontvangers en zelfbouwradio’s met lampen waren het begin van het radio tijdperk.In 1918 werd door Philips de fabricage van radiolampen ter hand genomen. We zien nostalgische radiokasten (alleen het hout al…) geluidsmeubels met platenwisselaars,van die forse bandrecorders en TV toestellen,zelfs met kleurenbeeld!In een zijruimte vh magazijnachtige museum laat Douwe ons de indrukwekkende zendinstallatie zien –ter grootte van een huiskamer!- waarmee destijds het stemgeluid van koningin W tot in Indonesie doorklonk. Douwe wil ons vervolgens meenemen naar de medische toepassingen,maar Daan is onverbiddelijk in zijn tijdscontrole en neemt ons mee naar‘de Connaiseur’waar we rond 1830h aan tafel gaan. Er wordt over het algemeen lekker gedronken en gegeten. Drie borden met hetzelfde gerecht worden retour keuken gestuurd want het vlees smaakte alsof het nog van de os uit de stal in Bethlehem was. Deze aktie noopt Louis tot een uiteenzetting aan het adres van de opgewekte Brabantse serveerster over de juiste bereiding van ossenvlees: of mejufrouw wel weet wat een os is? en hoe je zo’n gecastreerde stier dan toch nog een beetje sappig kunt maken in de pan. Enfin,de winnaars vd quiz krijgen een lamp van Daan (met extra branduren!) en als beloning voor goed en coöperatief gedrag blijkt hij voor elke aanwezige een werkzaam exemplaar bij zich te hebben! Hoewel de eettent ingericht is als een bibliotheek mogen we er geen sigaren roken?! Onder het motto:”laat de cognac dan verder ook maar zitten ” verlaten we het pand waarna een selekt aantal van ons nog een belendend caféetje met de toepasselijke naam de Gaper bezoekt voor de lang versmachtte sigaar en een laatste drankje op deze geslaagde dag.
Dank aan Daan en voor herhaling vatbaar!
Leonard |